Kopteksten, voetteksten en paginanummering
Met één handeling een tekst op alle pagina’s
Wanneer u een document maakt in Word (2003) dat een aantal pagina’s telt, dan kan het wenselijk zijn om boven of onder elke pagina een bepaalde tekst terug te laten komen, zodat het op elke pagina duidelijk is om wat voor document het gaat. Dit kan met behulp van kopteksten en voetteksten. Deze zijn zeer handig, want u kunt deze velden ook direct gebruiken om een paginanummering in te voegen.
1 Koptekst en voettekst inschakelenWanneer u een tekst boven en onderaan elke pagina wilt hebben, dan zou u dit handmatig op elke pagina kunnen plaatsen. Dat heeft echter twee nadelen: als u iets aan die tekst verandert, moet u dat op elke pagina handmatig doorvoeren en daarnaast moet u dus voortdurend opletten dat de tekst niet naar een andere pagina verspringt. Kopteksten en voetteksten worden daarentegen in een veld geplaatst dat vast staat aan de bovenkant (koptekst) en de onderkant (voettekst) van de pagina. Teksten die u in deze velden plaatst komen terug op elke pagina en worden automatisch op alle pagina’s aangepast. Om koptekst of voettekst toe te voegen aan een pagina, dient u eerst de velden weer te geven. Klik hiervoor op menu Beeld / Kopteksten voettekst. Word schakelt tijdelijk over naar de afdrukweergave, waarin u de velden kunt zien. Voer een tijdelijke tekst in om het resultaat te zien en klik op Sluiten. Let op: kopteksten en voetteksten zijn alleen te zien in de afdrukweergave, in de normale weergave zijn ze onzichtbaar.
Kopteksten en voetteksten worden alleen getoond in de afdrukweergave.
2 Koptekst en voettekst bewerkenU kunt kopteksten en voetteksten op twee manieren bewerken. U kunt klikken op Beeld / Kopteksten voettekst om de velden en de bijbehorende werkbalk tevoorschijn te halen, of u klikt op Beeld / Afdrukweergave en dubbelklikt u op de koptekst of voettekst die u hebt ingevuld. Belangrijk om te weten: wanneer het veld koptekst of voettekst actief is, wordt de rest van het document grijs en kunt u dat deel tijdelijk niet bewerken. Andersom: als de velden koptekst en voettekst niet actief zijn, dan zijn deze grijs en kunt u de inhoud niet bewerken tot u erop dubbelklikt. U kunt nu tekst (of afbeeldingen) in deze velden plaatsen en de opmaak aanpassen. Houd er rekening mee dat de tekst op elke pagina afgedrukt zal worden, dus maak deze niet te groot of te aanwezig. Wanneer u tevreden bent met het resultaat, klikt u op Sluiten, waarna de velden inactief worden. Wanneer u het document nu afdrukt, zijn de ingevoerde kopteksten en voetteksten zichtbaar op iedere pagina.
Wanneer u een tekst bewerkt wordt dit doorgevoerd op alle pagina’s.
3 Paginanummering invoegenIn de stappen hierboven spreken we over dezelfde tekst op alle pagina’s. In sommige gevallen wilt u echter dat de tekst op iedere pagina net iets anders is, zoals bij een paginanummering. U kunt zo’n paginanummering eenvoudig invoegen. Ga naar het veld koptekst of voettekst en kijk naar de bijbehorende werkbalk die verschijnt. U ziet daar verschillende symbolen staan. Het hekje staat voor paginanummer, de twee plusjes voor het totale aantal pagina’s, de kalender voor de datum en het klokje voor de tijd. Door op het symbool te klikken voegt u het automatisch in. Links in de werkbalk ziet u een uitklapmenu, met daarin snelkoppelingen naar de genoemde opties. In dit voorbeeld klikken we op de optie Pagina X van Y, die vervolgens automatisch wordt toegevoegd. Op elke pagina ziet u nu, naast de tekst die u eventueel hebt ingevoerd om welke pagina het gaat en hoeveel pagina’s er in totaal zijn. Duidelijk en overzichtelijk en binnen een paar tellen ingevoerd.
Met behulp van paginanummering kunt u automatisch een nummering toekennen.








Reeds geplaatste reacties
dit zijn nog steeds meerdere klikken en handeling.